Posts tonen met het label uitsterven. Alle posts tonen
Posts tonen met het label uitsterven. Alle posts tonen
maandag 16 november 2009
wat is extinctie
Een analyse van de term extinctie. Wetenschappers zeggen soms dat een soort plaatselijk is uitgestorven als deze uit een deel van zijn geografische verspreidingsgebied is verdwenen, maar het is beter om de term extintie alleen te hanteren in gevallen waar alle dieren of planten van een soort volledig zijn verdwenen. Het uitsterven van een soort betekent in feite dat zijn geografisch verspreidingsgebied en populatie beide tot nul inkrimpen. Deze twee variabele grootheden, geografische verspreiding en populatie-omvang, die gedurende het gehele bestaan van een bepaalde soort van jaar tot jaar aan schommelingen onderhevig zijn, worden beheerst door wat ecologen beperkende factoren noemen. Deze kunnen in de volgende algemene categorieen worden onderverdeeld: ecologische competentie, predatie en toevallige factoren. Klimaat is een van de voornaamste beperkende factoren van fysische aard; zonder enige twijfel is veel extinctie aan klimaatverandering te wijten. Zo verdween 2,5 miljoen jaar geleden een aantal bosbewonende antilopen uit Afrika toen het klimaat droger werd en de grasvlakten zich ten koste van de wouden konden uitbreiden. Bij ecologische competitie tussen soorten onderling gaat het meestal om voedsel of ruimte. Ook in onze tijd komt het voor dat door het ontstaan van een nieuwe soort of het binnendringen van een bestaande soort in een nieuw gebied een ander daarop lijkend organisme in aantal afneemt en gedwongen wordt om met een kleiner leefgebied genoegen te nemen.De rode eekhoorn ging in Engeland bijvoorbeeld sterk achteruit nadat de grijze eekhoorn daar aan het begin van de vorige eeuw door de mens was ingevoerd. Iets dergelijks zien we als een pas aangekomen of ontwikkelde soort sterk gaat predateren op een al bestaande soort:dit kan ernstige gevolgen hebben als het prooidier slecht opgewassen blijkt tegen aanvallen van de nieuwkomer. Meestal ligt het bij uitsterving lang niet zo eenvoudig en zijn er twee of meer factoren in het geding. Van de zojuist genoemde beperkende factoren spelen de toevallige factoren waarschijnlijk vaak een beslissende rol bij de uiteoindelijke verdwijning van de soorten. Bijvoorbeeld nadat een populatie door fysische omstandigheden, competitie, predatie of een combinatie daarvan is al flink geslonken. Een kleine populatie is kwetsbaarder en op zichzelf vrij onbetekenende voorvallen kunnen dan een rampzalige uitwerking hebben.Als er niet meer dan een paar van de leden van een populatie overblijven,bestaat de mogelijkheid dat in een bepaald jaar mannelijke vrouwelijke dieren elkaar in de paartijd toevallig niet kunnen vinden. Ondanks deze uiteenzetting moeten we toegeven dat er in de geschiedenis van onze aarde weliswaar miljoenen soorten zijn uitgestorven, maar dat wde van een slechts een aantal met enige zekerheid kunnen zeggen waarom ze precies verdwenen. Voor de overgrote meerderheid van soorten geldt dat we hun demografische ontwikkeling of de relevante milieuveranderingen te slecht kunnen reconstrueren om erachter te komen wat zich in werkelijkheid heeft afgespeeld. Het saat vast dat door steeds veranderende fysische en biologische omstandigheden soorten verdwijnen, maar dat tegelijkertijd andere soorten als gevolg van evolutieprocessen ontstaan-waarbij sommige nieuwe soorten sterk op hun verdwenen voorgangers lijken en andere soorten geheel nieuwe eigenbschappen kunnen bezitten. Dit continue proces van eliminatie van soorten vormt een achtergrondniveau van uitsterven, waartegen de massale extincties zich afspelen.
woensdag 26 augustus 2009
een derde van alle leven met uitsterven bedreigd
Vijfenzestig miljoen jaar geleden werden de dinosaurussen uitgeroeid. Het was de vijfde keer dat onze planeet met zo'n massale uitsterving te maken had. De zesde keer is momenteel volop aan de gang. Alleen is de schuldige deze keer geen meteoriet, maar wel de mensheid.
Door toedeoen van de mens hangt het lot van 17.000 van de 45.000 soorten leven op aarde aan een zijden draadje. Dat constateerden wetenschappers toen ze voor een grootschalig onderzoek 24.000 studies doornamen.
De witte buidelrat zou een van de eerste slachtoffers zijn. Het beestje leeft op alleen grote hoogte in de tropische regenwouden van Queensland. Begin dit jaar al werd gesignaleerd dat de diersoort zienderogen achteruitgaat. De Tasmaanse duivel stelt het ook niet goed. De kleine populatie die nog in Australie leeft, is de laatste tien jaar met 60 procent gekrompen door een aggressieve tumor. Het zijn maar enkele slachtoffers van de ramp. De onderzoekers kwamen tot de conclusie dat momenteel de resde grootste uitstervingsramp ooit aan de gang is. Voor de vorige moeten we eventjes teruggaan in de geschiedenis, 65 miljoen jaar namelijk. Toen werden de dinosaurussen uitgeroeid,maar zij niet alleen. Een vijfde van de gewervelde dieren op land stierf uit, samen met ongeveer de helft van alle zeedieren. Waarschijnlijk werd de massale slachting veroorzaakt door een inslaande asteroide. De ergste uitstervingsramp ooit speelde zich 250 miljoen jaar af, toen maar liefst 95 procent van alle soorten planten en dieren stierven. Wetenschappers zijn het niet eens over de oorzaak.
De cijfers over de huidige ramp liegen er ook niet om. Bijna 17.000 van de 45.000 bestaande soorten- 38% procent dus- zijn met uitsterven bedreigt. Voor 3.246 soorten is het einde wel heel nabij, zij staan geseind in de categorie ' kritiek bedreigd'. 4770 soorten zijn bedreigd tout court en 8.912 soorten zijn kwetsbaar. Dat zijn planten en diersoorten. Van de diersoorten zijn wereldwijd 5.500 soorten met uitsterven bedreigd. Van de 5.487 bekende zoogdoeren staan er zeker 1.14& op het randje van de afgrond. In Oceanie alleen al zijn 1.200 vogelsoorten bedreigd.
Australie, Nieuw Zeeland en de Pacifische eilanden hebben de twijfelachtige eer om de uitstervingshotspots van de wereld te zijn. Dat moetsen de onderzoekers concluderen nadat ze 24.000 studies hadden uitgeplozen op zoek naar informatie over de fauna en flora van Austalazie en de Pacifische eilanden. Daar liggen zes van de meest biodiverse regio's ter wereld. " Australie heeft een fantastische natuur, maar die wordt voor onze ogen vernietigd", zegt onderzoeksleider Richard Kingsford, professor in Sydney. " Verschillende soorten worden bedreigd omdat ze hun natuurlijke habitat verliezen, door invasieve soorten, door de opwarming van de aarde, door overexploitatie, vervuiling en ziekte". Dat zijn de oorzaken van de massale uitsterving die nu aan de gang is. Bijna allemaal zijn ze gelinkt aan menselijke activiteit. Zo heeft de landbouw de wouden in Australie al gehalveerd en bedreigt de houtkap 70 procent van de overgebleven bossen. Dat wordt veel beestjes fataal. Voor 80 procent van de bedreigde diersoorten is het precies het verlies van hun natuurlijke habitat dat hen van de planeet dreigt te vegen. Geimporteerde planten en dierensoorten zijn al even destructief. Al meer dan 2.500 zogenaamde invasieve plantensoorten hebben Australie en Nieuw-Zeeland gekoloniseerd. Ze zijn al goed voor 11 procent van het totale aantal inheemse plantensoorten en vechten met hen om een plekje onder de zon. Vaak winnen de invasieve soorten het pleit. Ze zijn meestal geimporteerd door de regering, door boeren of jagers.
Het uitstervingstempo ligt momenteel 1.000 à 10.000 keer hoger dan de voorbije 60 miljoen en het zal er niet op beteren. Verwacht wordt dat er tegen 2050 in Australie een bevolkingsaangroei van 35 procent zal zijn en in Nieuw-Zeeland van 25 procent. In nieuw-Caledonie zou dat oplopen tot 49 procent en in Papoea- Nieuw Guinea tot 76 procent. De onderzoekers die hun bevindingen publiceerden in het wetenschappelijke tijdschrift Conservation Biology, pleiten dan ook voor nieuwe maatregelen, en wel nu. Ze willen dat bosgebieden gevrijwaard worden van landbouw, houtkap en mijnbouw, dat de import van invasieve soorten beperkt wordt, dat er minder broeikasgassen worden uitgestoten en dat de visvangst beter gereglementeerd wordt." De last voor het milieu zal alleen maar zwaarder worden, tenzij we op een slimmere manier omgaan met onze voetafdruk", besluit Richard Kingsford.
Door toedeoen van de mens hangt het lot van 17.000 van de 45.000 soorten leven op aarde aan een zijden draadje. Dat constateerden wetenschappers toen ze voor een grootschalig onderzoek 24.000 studies doornamen.
De witte buidelrat zou een van de eerste slachtoffers zijn. Het beestje leeft op alleen grote hoogte in de tropische regenwouden van Queensland. Begin dit jaar al werd gesignaleerd dat de diersoort zienderogen achteruitgaat. De Tasmaanse duivel stelt het ook niet goed. De kleine populatie die nog in Australie leeft, is de laatste tien jaar met 60 procent gekrompen door een aggressieve tumor. Het zijn maar enkele slachtoffers van de ramp. De onderzoekers kwamen tot de conclusie dat momenteel de resde grootste uitstervingsramp ooit aan de gang is. Voor de vorige moeten we eventjes teruggaan in de geschiedenis, 65 miljoen jaar namelijk. Toen werden de dinosaurussen uitgeroeid,maar zij niet alleen. Een vijfde van de gewervelde dieren op land stierf uit, samen met ongeveer de helft van alle zeedieren. Waarschijnlijk werd de massale slachting veroorzaakt door een inslaande asteroide. De ergste uitstervingsramp ooit speelde zich 250 miljoen jaar af, toen maar liefst 95 procent van alle soorten planten en dieren stierven. Wetenschappers zijn het niet eens over de oorzaak.
De cijfers over de huidige ramp liegen er ook niet om. Bijna 17.000 van de 45.000 bestaande soorten- 38% procent dus- zijn met uitsterven bedreigt. Voor 3.246 soorten is het einde wel heel nabij, zij staan geseind in de categorie ' kritiek bedreigd'. 4770 soorten zijn bedreigd tout court en 8.912 soorten zijn kwetsbaar. Dat zijn planten en diersoorten. Van de diersoorten zijn wereldwijd 5.500 soorten met uitsterven bedreigd. Van de 5.487 bekende zoogdoeren staan er zeker 1.14& op het randje van de afgrond. In Oceanie alleen al zijn 1.200 vogelsoorten bedreigd.
Australie, Nieuw Zeeland en de Pacifische eilanden hebben de twijfelachtige eer om de uitstervingshotspots van de wereld te zijn. Dat moetsen de onderzoekers concluderen nadat ze 24.000 studies hadden uitgeplozen op zoek naar informatie over de fauna en flora van Austalazie en de Pacifische eilanden. Daar liggen zes van de meest biodiverse regio's ter wereld. " Australie heeft een fantastische natuur, maar die wordt voor onze ogen vernietigd", zegt onderzoeksleider Richard Kingsford, professor in Sydney. " Verschillende soorten worden bedreigd omdat ze hun natuurlijke habitat verliezen, door invasieve soorten, door de opwarming van de aarde, door overexploitatie, vervuiling en ziekte". Dat zijn de oorzaken van de massale uitsterving die nu aan de gang is. Bijna allemaal zijn ze gelinkt aan menselijke activiteit. Zo heeft de landbouw de wouden in Australie al gehalveerd en bedreigt de houtkap 70 procent van de overgebleven bossen. Dat wordt veel beestjes fataal. Voor 80 procent van de bedreigde diersoorten is het precies het verlies van hun natuurlijke habitat dat hen van de planeet dreigt te vegen. Geimporteerde planten en dierensoorten zijn al even destructief. Al meer dan 2.500 zogenaamde invasieve plantensoorten hebben Australie en Nieuw-Zeeland gekoloniseerd. Ze zijn al goed voor 11 procent van het totale aantal inheemse plantensoorten en vechten met hen om een plekje onder de zon. Vaak winnen de invasieve soorten het pleit. Ze zijn meestal geimporteerd door de regering, door boeren of jagers.
Het uitstervingstempo ligt momenteel 1.000 à 10.000 keer hoger dan de voorbije 60 miljoen en het zal er niet op beteren. Verwacht wordt dat er tegen 2050 in Australie een bevolkingsaangroei van 35 procent zal zijn en in Nieuw-Zeeland van 25 procent. In nieuw-Caledonie zou dat oplopen tot 49 procent en in Papoea- Nieuw Guinea tot 76 procent. De onderzoekers die hun bevindingen publiceerden in het wetenschappelijke tijdschrift Conservation Biology, pleiten dan ook voor nieuwe maatregelen, en wel nu. Ze willen dat bosgebieden gevrijwaard worden van landbouw, houtkap en mijnbouw, dat de import van invasieve soorten beperkt wordt, dat er minder broeikasgassen worden uitgestoten en dat de visvangst beter gereglementeerd wordt." De last voor het milieu zal alleen maar zwaarder worden, tenzij we op een slimmere manier omgaan met onze voetafdruk", besluit Richard Kingsford.
maandag 22 juni 2009
uitsterven
Biologen en peleontologen spreken over het nullastniveau van extincties door de gehele geschiedenis van het leven. Dat nullastniveau is de normale,gemiddelde snelheid waarmee soorten verdwijnen. Het wordt over het algemeen in evenwicht gehouden door de snelheid waarmee soortvorming plaatsvindt. Deze twee, extinctie en soortvorming,vormen samen nog een andere vorm van verloop- in dit geval op mondiaal niveau. De snelheid waarmee extincties in het verleden plaatsvonden kan niet precies worden berekend,omdat hiaten in het fossiele archief verhullen wat er verloren is gegaan. Maar een behoedzame paleontoloog David Jablonski,heeft een ter zake kundige schatting gemaakt en houdt het "voor de meeste typen organismen op misschien een paar soorten per miljoen jaar". Een paar zoogdiersoorten,een paar vogelsoorten,een paar vissensoorten gingen iedere miljoen jaar door extinctie verloren- met dat tempo kon de evolutie het bijbenen en door soortvorming aan iedere groep een paar nieuwe soorten toevoegen. Verliezen die door nieuwe aanwinsten in evenwicht worden gehouden leveren geen nettoverlies op van de biologische verscheidenheid. Extinctie op dat niveau, het nullastniveau,is een normaal en duurzaam proces. Tegen die achtergrond treden een klein aantal grote gebeurtenissen op de voorgrond. Deze cataclysmen,die allesbehalve normaal zijn, zijn de massa-extincties die wetenschappers nu beschouwen als belangrijke leestekens in de geschiedenis van het leven. Sommige gebeurtenissen zijn befaamd: de extinctie in het Krijt, de extinctie in het Perm. Bij zo'n massaal uitsterven, in een betrekkelijke korte tijd, is het tempo van extinctie veel hoger dan het tempo van soortvorming en de rijkdom van de biosfeer stort in. Niches komen leeg te staan. Ingexwikkelde netwerken van ecologische relaties worden in de war geschopt. Volledige ecosystemen blijven geplunderd en geruineerd achter. Miljoenen jaren verstrijken voordat soortvorming de open gaten opnieuw heeft gevuld en de algehele verscheidenheid op het oude niveau heeft teruggebracht.
Niamand weet precies wat de massa-extincties in het verre verleden veroorzaakte. Rivaliserende hypothesen lopen uiteen van klimaatverandering tot een tot nu nog niet ontdekte Dodenster, de donkere begeleider van de zon, die door kosmische zwaartekrachtgolven iedere zesentwintig miljoen jaar een storm van dodelijke asteroiden in de omgeving van de aarde ontketent. Het debat over deze rivaliserende hypothesen vormt een fascinerend verhaal, waar ik verder niet op inga. Het is voldoende om vast te stellen dat er op vijf momenten in een ver geologisch verleden massa-extincties van de eerste orde plaatsvonden en dat alle extinctie veroorzaakt werd door een onbepaald aantal natuurlijke factoren,waarbij de mens, niet kan worden meegerekend. De extinctie in het Krijt, 65 miljorn jaar geleden,eiste de laatste dinosaurussen op; de extinctie in het Perm, 250 miljoen jaar geleden, roeide meer dan de helft van ongewervelde zeedieren uit. Andere massa-axtincties sloegen toe aan het eind van het Ordovicium ( 440 miljoen jaar geleden), in het late Devoon ( 370 miljoen jaar geleden) en aan het eind van het Trias ( 215 miljoen jaar geleden). Bovendien verdween er een flinke verzameling grote dierensoorten gedurende de laatste millenia van het Pleistoceen, nog geen tien-à twintig-duizend jaar geleden, en in het laatste geval is de mens misschien deels verantwoordelijk; die extincties uit het Pleistoceen vonden plaats rond de tijd dat de mens in gewapende en samenwerkende groepen begon te jagen. Maar vergeleken met de vijf grote gebeurtenissen was de pleistocene kramp van bescheiden aard en bleef hij vooral tot zoogdieren beperkt. Er zijn nog andere, mindere periodes geweest,waarin het tempo van extinctie het nullastniveau enigzins overschreed. Eén manier om massa-extincties van een 'mindere periode' te onderscheiden is, volgens Jablonski, dat het in het eerste geval om extinctie gaat die onder veel verschillende planten-en diergroepen tweemaal zo hoog is als het nullast niveau.
Volgens deze rigoureuze maatstaf bleven we er nu een.
Het begon een paar duizend jaar geleden,toen mensen uit de neolithische culturen aan de randen van de continenten in primitieve boten de open zee op voeren. Bij de kolonisatie van afgelegen eilanden als Madagaskar, Nieuw- Zeeland, Nieuw-Caledonie en de Hawaii Archipel roeiden de menselijke indringers onmiddellijk een aantal endemische vogelsoorten uit. Vele van deze uitgestorven vogels waren reuzenvormen, die niet vlogen en ecologisch naief waren. U hebt inmiddels al een beeld van hoe dat in zijn werk ging, eiland na eiland over heel de wereld. Eeuwen voordat het eerste Portugese schip in Mauritius landde had de neolitische golf van menselijke invasie zijn schadelijke werk al gedaan. Maar de resultaten waren vrijwel hetzelfde en de door de Europeanen op eilanden veroorzaakte extincties vormden in feite de tweede fase van het grote proces. Het geval dodo was er slechts één uit de duizenden.
Sinds het tijdperk van de neolitische reizen tot op heden is twintig procent van de vogelsoorten uitgestorven. De laatste paar eeuwen is het tempo van extinctie verder verhoogd,met een mate die- van vogels naar allerlei dier- en plantensoorten en van eilanden naar continenten-toeneemt naarmate de impact van de mens gelijke tred houdt met de groei van de bevolking,technologische doeltreffendheid en arrogantie. Tegenwoordig is het niet alleen een kwestie van dodo's, olifantsvogels en moa's. Vandaag de dag verliezen we van alles wat.
Binnen enkele decennia zullen we, als de huidige trnd zich doorzet,van alles een heleboel verliezen. Als we een groot deel van de biologische verscheidenheid op aarde uitroeien, zullen we ook een groot deel van zijn schoonheid,zijn complexiteit,zijn intellectuele invloed,zijn spirituele diepte en zijn ecologische gezondheid verliezen. Het onvruchtbaar maken van onze biosfeer is een vorm van zelfmoord plegen.
Niamand weet precies wat de massa-extincties in het verre verleden veroorzaakte. Rivaliserende hypothesen lopen uiteen van klimaatverandering tot een tot nu nog niet ontdekte Dodenster, de donkere begeleider van de zon, die door kosmische zwaartekrachtgolven iedere zesentwintig miljoen jaar een storm van dodelijke asteroiden in de omgeving van de aarde ontketent. Het debat over deze rivaliserende hypothesen vormt een fascinerend verhaal, waar ik verder niet op inga. Het is voldoende om vast te stellen dat er op vijf momenten in een ver geologisch verleden massa-extincties van de eerste orde plaatsvonden en dat alle extinctie veroorzaakt werd door een onbepaald aantal natuurlijke factoren,waarbij de mens, niet kan worden meegerekend. De extinctie in het Krijt, 65 miljorn jaar geleden,eiste de laatste dinosaurussen op; de extinctie in het Perm, 250 miljoen jaar geleden, roeide meer dan de helft van ongewervelde zeedieren uit. Andere massa-axtincties sloegen toe aan het eind van het Ordovicium ( 440 miljoen jaar geleden), in het late Devoon ( 370 miljoen jaar geleden) en aan het eind van het Trias ( 215 miljoen jaar geleden). Bovendien verdween er een flinke verzameling grote dierensoorten gedurende de laatste millenia van het Pleistoceen, nog geen tien-à twintig-duizend jaar geleden, en in het laatste geval is de mens misschien deels verantwoordelijk; die extincties uit het Pleistoceen vonden plaats rond de tijd dat de mens in gewapende en samenwerkende groepen begon te jagen. Maar vergeleken met de vijf grote gebeurtenissen was de pleistocene kramp van bescheiden aard en bleef hij vooral tot zoogdieren beperkt. Er zijn nog andere, mindere periodes geweest,waarin het tempo van extinctie het nullastniveau enigzins overschreed. Eén manier om massa-extincties van een 'mindere periode' te onderscheiden is, volgens Jablonski, dat het in het eerste geval om extinctie gaat die onder veel verschillende planten-en diergroepen tweemaal zo hoog is als het nullast niveau.
Volgens deze rigoureuze maatstaf bleven we er nu een.
Het begon een paar duizend jaar geleden,toen mensen uit de neolithische culturen aan de randen van de continenten in primitieve boten de open zee op voeren. Bij de kolonisatie van afgelegen eilanden als Madagaskar, Nieuw- Zeeland, Nieuw-Caledonie en de Hawaii Archipel roeiden de menselijke indringers onmiddellijk een aantal endemische vogelsoorten uit. Vele van deze uitgestorven vogels waren reuzenvormen, die niet vlogen en ecologisch naief waren. U hebt inmiddels al een beeld van hoe dat in zijn werk ging, eiland na eiland over heel de wereld. Eeuwen voordat het eerste Portugese schip in Mauritius landde had de neolitische golf van menselijke invasie zijn schadelijke werk al gedaan. Maar de resultaten waren vrijwel hetzelfde en de door de Europeanen op eilanden veroorzaakte extincties vormden in feite de tweede fase van het grote proces. Het geval dodo was er slechts één uit de duizenden.
Sinds het tijdperk van de neolitische reizen tot op heden is twintig procent van de vogelsoorten uitgestorven. De laatste paar eeuwen is het tempo van extinctie verder verhoogd,met een mate die- van vogels naar allerlei dier- en plantensoorten en van eilanden naar continenten-toeneemt naarmate de impact van de mens gelijke tred houdt met de groei van de bevolking,technologische doeltreffendheid en arrogantie. Tegenwoordig is het niet alleen een kwestie van dodo's, olifantsvogels en moa's. Vandaag de dag verliezen we van alles wat.
Binnen enkele decennia zullen we, als de huidige trnd zich doorzet,van alles een heleboel verliezen. Als we een groot deel van de biologische verscheidenheid op aarde uitroeien, zullen we ook een groot deel van zijn schoonheid,zijn complexiteit,zijn intellectuele invloed,zijn spirituele diepte en zijn ecologische gezondheid verliezen. Het onvruchtbaar maken van onze biosfeer is een vorm van zelfmoord plegen.
woensdag 3 juni 2009
de Dodo 2
Als er één symbool is van hét uitgestorven dier dan is het de dodo. Natuurlijk zijn er meer dieren uitgestorven door toedoen van de mens maar de dodo was één van de eerste. Bovendien heeft hij het imago van een sullige pechvogel die meewerkte aan zijn eigen ondergang. Op het geisoleerde eiland Mauritius ontbraken roofdieren;de dodo verloor daardoor geleidelijk het vermogen om te vliegen en kende totaal geen angst. Er was toch niemand om voor te vluchten.Matrozen die het eiland bezochten om voedsel in te slaan maakte daar dankbaar gebruik van. Ze vingen de dodo met hun blote handen. Voeg daarbij de invloed van geintroduceerde ratten,katten,geiten en varkens en de dagen van de dodo waren geteld.
jammer maar helaas
jammer maar helaas
Abonneren op:
Reacties (Atom)